Als je ziek bent worden de gewoonste dingen vermeldenswaard omdat gewone dingen iets zeggen over hoe het gaat. Daar gaat ie dus.

Ik heb de computer in de serre weer aangesloten. Ik maakte het mijzelf wat makkelijker door de computer óp de tafel te (laten) zetten in plaats van eronder. Het staat minder fraai maar het scheelt een stuk in het gepiel om alle stekkertjes op de juiste plaats te krijgen. Het oude beeldscherm, zo’n enorme toeter, ergert me nu wel heel erg. Die moet eerdaags vervangen worden door een vlak scherm, dan blijft er ook wat meer ruimte over op de tafel.

De voorraad geïnspecteerd en een boodschappenlijstje gemaakt. Ook een plan gemaakt om appels te verwerken. Een paar kilo is iets aangetast en moet eerst op. De rest heeft Herman opgeborgen in een kast in de garage. Dat bleek eerder goed te werken. We aten toen in januari de laatste appels op. Inmiddels is Herman met lijstje en twee boodschappentassen het dorp in.

Niet alleen datgene wat ik daadwerkelijk doe zegt iets over mijn welbevinden, ook dat wat me bezig houdt spreekt over mijn welzijn. De volle mand met appels staat er al een paar dagen en ik keek er alleen maar naar. Leuk gezicht trouwens. Nu bedenk ik wat ermee moet en zet de eerste stappen, in mijn hoofd, in die richting.

Het is mooi weer en straks staat de zon op de serre, ik ben benieuwd.

Al met al gaat het een beetje goed, maar ik ga toch maar weer een poosje rusten.