Mijn oma sloeg vliegen dood. Ik vond dat vreselijk. Ik had niks tegen rondbrommende vliegen, dooie vliegen vond ik eng en doodgaande vliegen nog veel enger. “Je ziet er niks van”, zei oma. Ze loog.

Bij inentingen zeiden ze dat je er niets van voelde, ook dat was niet waar, de prik deed pijn en soms daarna ook nog. Dezelfde leugen als je naar de tandarts ging: “Je voelt er niets van”. Onzin, boren deed erg pijn en de prik om te verdoven ook.

Ik moest daaraan denken omdat er nogal eens gezegd wordt dat pijn goed bestreden kan worden. “Pijn hoeft niet meer”, zeggen ze dan. Het is maar ten dele waar. Preventieve pijnbestrijding kàn als ze weten wat er te verwachten is, zoals na een operatie. Maar anders moet de pijn er eerst zijn voordat er iets tegen gedaan kan worden. Daar komt bij dat alle pijnbestrijding bijwerkingen heeft die ook weer narigheid opleveren.

Er zijn twee oorzaken voor mijn klaagzang. Ten eerste het lijden van Elly. Ze heeft, geloof ik, niet zozeer pijn maar de duizeligheid was gisterenavond erg en daar is dus niets meer aan te doen. Met palliatieve zorg worden de bijverschijnselen en mogelijke verslaving minder belangrijk, maar het is maar de vraag of die duizeligheid te bestrijden is. Ik hoop het want het lijkt me heel naar en van grote invloed op de laatste periode.

Het tweede is dat ik meer pijn heb dan er met paracetamol te onderdrukken valt. Vooral ’s nachts. Ik heb zelf het idee dat het komt doorat mijn spieren verslapt zijn. Ik heb moeite om mijzelf overeind te houden. Ik loop en zit een beetje in elkaar gezakt. Nu ik weer meer beweeg en af en toe mijn rug recht, heb ik spierpijn. Ik slaap dus slecht en dan doet het nu eens hier dan weer daar pijn. Vandaag komt de huisarts, ik zal met hem overleggen. Ik weet zelf inmiddels ook wel wat de gevolgen weer zijn van sterkere pijnstillers en of ik dat dan weer wil? De enige weg eruit is waarschijnlijk weer conditie op gaan bouwen. Mijn enthousiasme daarvoor wordt getemperd door de kans op nóg een kuur.

“Leven is lijden”, zong Robert Long. Het hoort er kennelijk onontkoombaar bij.