Maandag was ik al naar de kop van het dorp gelopen omdat ik iets te doen had bij de Rabobank. De winkelstraat lokte toen al wel, maar ik schatte in dat de wandeling dan te ver zou worden. Gisteren ben ik met Herman samen naar het dorp gelopen om wat kerstinkopen te doen. Met een rustpauze met koffie bij de Hema, ging het goed.

Het betekent ook dat we allerlei mensen tegen kwamen, zo gaat dat in een dorp. De ontmoeting met mensen die goed op de hoogte zijn van de situatie is makkelijk, even een praatje maken, het feit dat ik daar loop zegt al dat het weer beter gaat. Maar we kwamen ook mensen tegen van wie ik niet weet wat ze weten en dan wordt het lastiger. Ik bied een opening door er kort iets over te zeggen. Daar kunnen ze wel of niet op ingaan, voor mij hoeft het niet. Alweer hier in de straat kwamen we iemand tegen waar we vroeger veel contact mee hadden. Ze vroeg naar de gezondheidsperikelen en stelde ook gerichte vragen over de chemokuren. Even later bleek dat ze dacht dat het nog over de borstkanker ging van twee jaar geleden. Allemaal begrijpelijk,  maar het maakt zo’n wandelingetje wel vermoeiender dan alleen het wandelen.

Gelukkig kwamen we voor onze eigen deur Hennie tegen, die meeging voor een bak koffie. We pakten het gesprek weer op van de dag ervoor of de dag daarvoor, belangrijk en onbelangrijk door elkaar. Heerlijk, hoeveel (of hoe weinig) tijd er ook tussen zit, we praten gewoon weer verder. Zo doen vooral vriendinnen dat en daar heb ik er gelukkig een stel van.