Gisterenavond bezochten Mark en ik mijn schoonzus Elly. Ze ligt in een hospice in Sassenheim. Mooi gebouw, mooie, gezellige kamers. Gelukkig heeft ze nu medicijnen waardoor de duizeligheid minder is, al  is ze wel heel erg gauw moe. Ze was nog vol van de gebeurtenis van de avond tevoren. Ze was met de “wens-ambulance” nog een keer naar een repetitie van haar koor geweest. Ze had mee kunnen zingen en was er van acht tot tien gebleven. Daarna was ze helemaal uitgeput, maar het was duidelijk dat ze het er graag voor over heeft gehad.

Zo’n bezoek raakt en zet aan het denken. De hele situatie, de plek, de behandeling, is in afwachting van doodgaan. Als iedereen geweest is en alles wat gezegd moet worden is gezegd, wordt het dan alleen nog maar wachten? Ik kreeg een beetje die indruk. Elly is niet bang voor wat komen gaat,  maar ze verveelt zich doordat ze niets kan doen. En bezoek is soms teveel. Dat zal per persoon verschillen maar dat is lastig aangeven. Als ze met haar ogen dicht gaat liggen vraagt de bezoeker meestal vanzelf of ze moe wordt.

Mijn situatie is nog heel anders,  maar door mijn ziekte heb ik over al die dingen toch al wel nagedacht. Als het niet anders kan, is een hospice een geweldige oplossing. Maar het verblijf daar versterkt dat gevoel van wachten. Wat thuis blijven zwaar voor de omgeving maakt is precies wat thuis blijven zo aantrekkelijk zou maken voor mij: er is nog veel meer dan dat wachten. De gewone dingen moeten ook doorgaan, boodschappen doen en schoonmaken bijvoorbeeld, het gebeurt om je heen. Bezoek moet af en toe maar voor zichzelf zorgen, zelf de meegebrachte bloemen maar even verzorgen. In een hospice worden die dingen uit handen genomen door vrijwilligers en draait het alleen om de patiënt en de bezoeker. Bovendien is iedereen bezoeker en niemand echt thuis. Het wordt geen rommeltje, thuis kan het gewoon je eigen rommeltje worden. Verblijf in een hospice zou voor mij second best zijn. Ik realiseer me dat ik dat kan zeggen omdat ik een lieve mantelzorger heb. Als die het niet redt of weg valt, dan is ook voor mij de keus voor een hospice duidelijk.

We hadden het er samen al eens over gehad. Het is goed om zulke dingen te bespreken als ze nog niet aan de orde zijn. Mijn bezoek aan Elly heeft versterkt wat ik al dacht.