Op de dag dat Annemieke 45 jaar zal worden ga ik mijn stem uitbrengen op haar Peter.  Bij mij is er dus geen twijfel over de vraag óf ik ga stemmen, en zo ja, op welke partij en op welke kandidaat.

“Kiezen is moeilijk”, maar stemmen niet.  Op 3 maart ga ik mijn stem uitbrengen als gevolg van een langoverwogen keuze die ik jaren geleden al heb gemaakt. En die keuze was niet zo moeilijk, voor mij.  Want rechtvaardigheid is de deugd die voor mij in de politiek  leidend is.  En dus niet onrechtvaardigheid.  Daar is duurzaamheid bijgekomen: in feite een uitbreiding van de werkingssfeer van het rechtvaardigheidsbeginsel met toekomstige generaties. Kortom: leidend is duurzame rechtvaardigheid. Zouden er mensen zijn die daar anders over denken?

De afgelopen maanden heb ik meegepraat over het concept-programma én ik was lid van de  kandidatencommissie.  Ik hoef  nu dus helemaal niet meer te kiezen, ik ga alleen maar stemmen.

Naar verwachting  zal minder dan de helft van de kiesgerechtigden naar de stembus gaan.  Het is verontrustend om te lezen welke motieven mensen aanvoeren om niet te gaan stemmen.  Geen van die motieven kan mij overtuigen. Als er geen enkele partij is die aan je verwachtingen voldoet, dan zal er toch wel één zijn die je het minst verafschuwt. Mijn advies: stem dan op die partij om te voorkomen dat de partij die je het meest verafschuwt aan de macht zal komen.  Niet-stemmen is dus de slechtst denkbare optie.

Als mensen oprecht van mening zouden zijn dat  alle bestaande politici niet deugen en dat er geen enkele partij is die deugt, dan moet het toch niet zo moeilijk zijn om met de talrijke geestverwanten (meer dan de helft van het electoraat) een nieuwe partij op te richten en de volgende verkiezingen met overmacht te winnen?    Door het uitblijven van dergelijke initiatieven is er bij mij twijfel omtrent de werkelijke motieven van mensen om de verkiezizngen te boycotten.