Slapen gaat wel goed. Ik droom alleen weer naar af en toe. Ik verzorgde een baby vannacht, de baby kende ik en we lachten naar elkaar. Ik moest telkens zoeken naar spulletjes voor het verschonen van de baby. Toen we bijna klaar waren  schudde het huis verschrikkelijk en zakte de kamer helemaal scheef. Ik wist dat ik bovenin het gebouw zat. Ik zat op een bank tegen de onderste muur met de baby tegen me aan en vroeg me af of we er ooit nog uit zouden komen. Ik werd met een akelig gevoel wakker.

Eerder deze week droomde ik dat er beneden veel lawaai was. Toen ik wakker werd lag ik nog een tijd stil te luisteren voordat ik uit bed durfde om naar de wc te gaan. Het geluid had zo echt geleken dat ik nog even ben gaan kijken of alles nog op zijn plaats stond.

Als ik naar mijn onderbewuste stemmen luister ben ik gewoon bang. Bang voor wat er ongewenst binnenkomt en bang dat de boel instort. Ik houd het leven goed vast om het te beschermen voor zover en zolang  ik kan.