Deze duiker kwamen we tegen in Paestum in Zuid Italië.  Vermoedelijk rond 480 voor Christus werd hij op de binnenkant van het deksel van een sarcofaag geschilderd. Dat geeft gelijk een voorstelling van het formaat van de schildering. Van al het moois dat we zagen op die reis is dit me het meest bijgebleven. Wat me vooral treft is dat de duiker met opgeheven hoofd het onbekende tegemoet gaat.

Vanaf dat ik goed kon zwemmen dook ik altijd het water in. Er langzaam inlopen vond ik vreselijk, die opkruipende kou, het moeten beslissen wanneer je je laat zakken. Springen kon eventueel ook,  maar duiken was het beste. Je zet je af en er is geen weg meer terug. Je schiet onder water en bent er meteen doorheen. Tot zo’n tien jaar geleden deed ik het zo als ik ging zwemmen.

Als je vanaf een grote hoogte duikt  zal dat allemaal nog bewuster zijn. Dan ben je ook nog even onderweg. Hoe dan ook, het belangrijkste moment is het moment van springen, dáár ligt de beslissing. Onderweg kun je alleen nog wat aan de houding doen zodat je in een goede hoek het water raakt.

De duiker op de afbeelding was een Griek. Er waren  bloeiende Griekse kolonies in Italië. De Griekse kunst in Italië is minstens zo mooi en interessant als in Griekenland.

Wat me raakt is het verband met de dood. De duiker duikt een hiernamaals tegemoet, met opgeheven hoofd. Er zijn veel manieren te bedenken en bedacht om dat moment te verbeelden: een val, weggevoerd worden door een geraamte of een engel, verdwijnend in een tunnel of liggend op een bed. Deze manier van afbeelden is uniek .

Het beeld staat voor mij ook voor andere situaties dan de dood. Er zijn zoveel momenten in het leven waarop je het onbekende in moet. Op een gegeven moment heb je alles al onderzocht en moet je gewoon een besluit nemen. Iets doen.

Dit is mijn voorbeeld: duiken en met opgeheven hoofd!