We leren het eiland kennen. Als je door de diepe kloof eerst naar beneden en dan weer naar boven rijdt, kom je in het noord-westen van het eiland. De bossen zijn er mooier dan in het zuiden. We zijn te laat voor de bloei van de amandelbomen. In de kloof aan de kust is een leuke badplaats, Puerto Tazacorte, met zwart strand zoals overal waar strand is. We aten er gisteren op een terras aan zee.

We bezochten ook een leuke rommelmarkt, waar ook streekproducten te koop waren. Ik kocht een ketting van natuurstenen hier van het eiland van een Duitse vrouw die op La Palma woont. Er wonen en werken veel Duitsers hier. Herman vond een Nederlands boek voor mij, het derde deel van een trilogie waarvan ik het eerste deel uit had. Het enige goede boek in ons huisje van een Noorse schrijfster waarvan ik de naam nu kwijt ben.

Vanmorgen gingen we naar het zijdemuseum in El Paso. Het is niet zozeer een museum, als wel een atelier waar zijde verwerkt wordt. Leuk om te zien. Straks trekken we het natuurpark in, kijken hoever we komen met de auto.

Op de hoogte waar wij zitten is een hele brede strook pikzwarte lava. Het duurt kennelijk heel lang voordat daar iets op groeit. Je kunt duidelijk zien waar het vanaf de berg naar beneden is gekomen.

We vertrekken s morgens met dikke truien aan maar nu, rond twaalf uur, is het behoorlijk warm.

Ik voel me goed, heb alleen problemen met omhoog en omlaag lopen. Dat is dus al heel gauw hier. “Platte knoop”, denk ik steeds. Ooit leerde ik een trucje om een platte knoop te maken: wat boven is moet boven blijven. Zo gedraag ik mij hier, zoveel mogelijk op een hoogte blijven.