Op negen april kreeg ik na een telefonisch consult van mijn huisarts wat zwaardere pijnstillers, diclofenac. Ze waren bedoeld voor de nacht. Ik nam ze één keer en was zo eigenwijs om meteen vast te stellen dat ze niet hielpen. Ik stelde mijn gebruik van paracetamol wat bij en dat hielp, maar niet zo lang.

Een keer per week vul ik mijn medicijnlaadjes, zodat ik per dag kan zien of ik iets al wel of niet ingenomen heb. De dag staat op elk laadje en per laadje zit er een vakje voor de ochtend, de middag, de avond en de nacht. Toen ik dat zaterdag ging doen kwam ik het doosje met diclofenac weer tegen èn de bijbehorende pillen om de maag te beschermen. Ik besloot het gewoon een hele week te proberen. Wat in de laadjes  zit neem ik  in en wel op het tijdstip dat op het vakje staat. De diclofenac ging in het avond- en de maagbeschermers in het ochtendvakje. In het middag- en nachtvakje deed ik paracetamol.

Met zo’n opbouw in de tekst valt de uitkomst al wel te raden: het helpt. Ik slaap ’s nachts langer door. Ik word pas tussen drie en vier uur wakker en heb dan wel pijn. Ik neem dan de nachtparacetamol, die werkt na een poosje en dan slaap ik weer tot minstens half acht. Als ik gewoon rondloop valt de pijn wel mee. “Ermee leren leven”, heet dat in het welzijnsjargon, ik leer het.

Aankleden en dan naar het ziekenhuis om bloed te laten prikken opdat ze ons woensdag kunnen vertellen hoe het met mij gaat.