Volwassenen worden geacht op een passende manier te reageren op slecht nieuws. Niet dat dat altijd goed lukt, maar ze proberen het in ieder geval. Of ze doen ten minste alsof, omdat het hoort. Bij onze kleine kleinkinderen ligt dat anders. Die kennen de conventies nog niet, die weten nog niet wat zij moeten zeggen om op een passende manier te reageren. De ware aard van de menselijke geest ligt bij hen nog aan de oppervlakte, nog niet toegedekt door opvattingen over wat hoort.

Neem nou Koen, zes jaar en de jongste zoon van Annemieke. Toen zij, ook al door vragen van zijn twee jaren oudere broer Sten, over Aaltje bleef vertellen zei hij op een bepaald moment: “Nou wil ik er niks meer over horen.” Ziezo, dat is duidelijk. Iedereen weet waar hij aan toe is. De maat is, wat Koen betreft, vol. Duidelijker dan wie ook weet hij zijn grenzen aan te geven.

Ik denk dat ik het voorbeeld van Koen maar ga volgen. Ik wil niks meer over doodgaan horen, ik wil met Aaltje en met anderen het leven vieren, nu eens uitbundig en met veel mensen, dan weer stil en intiem.
Koen, je bent veel wijzer dan je nu zelf kunt vermoeden. Nog niet ingekapseld door gedragsbeperkende conventies.