Ik dacht dat ik van de vervangende huisarts waar ik maandag was, zetpillen tegen de pijn had gekregen. Toen ik ze gisterenavond wilde nemen en de bijsluiter nog even bekeek, zag ik dat het een middel tegen de misselijkheid is. Ik begrijp het misverstand wel. Ik vroeg om pijnstillers in zetpilvorm voor als ik te misselijk was om pillen te slikken. Ik had zelf eerder moeten kijken. Ze zal me vandaag terugbellen, beloofde de assistente.

Er is een vervelende pijn bijgekomen in mijn rug. Het zou fijn zijn als die tijdelijk is, maar ik vrees van niet. Ik lag vanmorgen te denken dat dit is zoals het zal gaan in de komende tijd. Net alles een beetje leefbaar zodat je denkt: “Zo houd ik het wel even vol”, en dan verandert er weer iets. Ik zal me wel weer moeten aanpassen aan een nieuwe situatie. Ik kan beter wennen aan die veranderlijkheid bergafwaarts.

Ik heb in de loop van mijn leven erg veel opleidingen, cursussen en trainingen gedaan op sociaal, theologisch en psychologisch gebied. Op een gegeven moment was ik er letterlijk klaar mee. Ik heb me weleens afgevraagd of het rendement wel in verhouding stond tot alle tijd, energie en kosten die erin waren gaan zitten. Een deel van het geleerde kon ik natuurlijk goed gebruiken in mijn werk en andere activiteiten.

Nu ervaar ik dat het vooral levenslessen waren. Ik heb leren leven en dat komt aan het eind van dat leven goed van pas. Ik hoef niets meer na te kijken in de boeken die ik bewaard heb of in mijn aantekeningen. De theorie is een deel van mij geworden en die blijkt uiterst praktisch in moeilijke tijden.