Herman vroeg mij van de week of er nog iets is dat ik heel graag zou willen. Ik hoefde er eigenlijk niet eens over na te denken, het antwoord is: “Nee”.

Ik had er natuurlijk al eens over nagedacht. Alles wat ik maar kan bedenken om te doen is alleen maar leuk als ik me goed voel. Als ik me niet goed voel zijn ‘leuke’ dingen helemaal niet zo leuk.
Het aanstaand weekend naar Aalten durf ik aan doordat er aan veel voorwaarden is voldaan: met de auto van deur tot deur, daar een bed en een kamer om me terug te trekken, de rolstoel ter beschikking en allemaal ‘eigen’ mensen om me heen. Al neem ik af en toe maar een poosje deel aan het gebeuren dan is het al goed.

Mijn wensen beperken zich nu tot kleine dingen en die zijn fijn zolang mijn lijf een beetje meewerkt. De tuin inlopen en een paar plantjes opbinden, de krant lezen in de serre of op het terras, in de rolstoel naar de supermarkt op de hoek, zitten kletsen met wie langs komt, me bemoeien met het eten en meer van zulke dingen. Vooral dingen waar ik mee op kan houden als het mij teveel wordt.

We kregen ooit een boek van Duitse vrienden: Loslassen, (los laten). Er was voor elke dag een tekst over dat onderwerp, voor een heel jaar lang. Ik had het op mijn werkkamer liggen. Het is precies wat ik nu aan het doen ben, loslaten. Ik weet niet of dat boek er speciaal aan bij gedragen heeft, maar ik heb er nu niet zoveel moeite mee. Ik heb al zoveel moois gezien, gehoord en beleefd. De gewone dingen van elke dag zijn nu mooi genoeg.