Ik heb gemengde gevoelens. Dat is niks bijzonders,  mijn gevoelens waren vrijwel altijd al gemengd.  Er waren maar heel zeldzame momenten in mijn leven waarop ik me volmaakt gelukkig heb gevoeld, momenten waarop hemel en aarde lijken samen te vallen. Zoals de overrompelende ervaringen bij de geboorte van mijn kinderen: nieuw leven dat is voortgekomen uit liefdevolle verbondenheid met Aaltje.  Voordat wij trouwden hebben we allebei een boek gelezen met de titel “Twee-eenheid in geslacht en liefde”.  Dat leek ons een zeer aanlokkelijk perspectief, dat wij  in de loop van bijna 48 jaren hebben kunnen realiseren.

Er is nu  wel een verschil ten opzichte van de tijd vóórdat de ernst van de ziekte van Aaltje goed tot mij doordrong, zo’n anderhalf jaar geleden.  Mijn gevoelens, mijn stemmingen  zijn ‘dieper’, heftiger, minder goed beheersbaar.

Toen ik mij vroeger probeerde voor te stellen hoe het zou zijn om te leven in de verwachting van  een aanstaand overlijden van je partner lukte mij dat niet.  Ik kon toen niets anders bedenken dan almaar huilen, uren of soms wel dagenlang.  En een gevoel van beklemming waar niet aan valt te ontkomen.

De meest verrrassende ontdekking in de afgelopen anderhalf jaar is dat het grootste deel van het leven min of meer gewoon doorgaat.  Wel is het lastig om telkens opnieuw een goede balans te vinden tussen weerbaar-zijn en  openheid.  Aan de ene kant zijn de vooruitzichten zodanig dat ik mij, om overeind te blijven, wel móet wapenen.  Maar ik wil ook zo intensief mogelijk betrokken blijven bij Aaltje, haar pijn, haar  vermoeidheid en haar verdriet.  Vooral als Aaltje het erg moeilijk heeft overvalt mij een gevoel van totale hulpeloosheid.  Er blijft dan niets anders over dan in elkaars armen intens verdrietig zijn.

Aaltje heeft er al eerder over geschreven: deze tijd voelt zij zich niet minder eenzaam dan voorheen.  Ook ik voel mij, juist door Aaltjes ziekte, nog sterker met haar verbonden.  Ook met onze vier kinderen, die wij niet alleen nóg vaker zien dan vroeger, maar met wie we in alle openheid lief en leed  delen.  De lichtvoetigheid waarmee Aaltje praat en schrijft over wat haar overkomt en wat dat met haar doet speelt daarin een belangrijke, ik denk zelfs beslissende rol.

Het valt mij wel moeilijk om mijn draai te vinden. Vorige week bezocht ik op mijn ‘vrije woensdagmiddag’ (dan komt de poetsvrouw) de Vermeertentoonstelling in het Mauritshuis in Den Haag.  Ik bewonderde een aantal vroege werken van Vermeer, maar er ontbrak iets wezenlijks in mijn beleving.  Het is moeilijk dat goed onder woorden te brengen, want ik had gemengde gevoelens.  In deze mengeling van onbestemde gevoelens ontwaar ik eenzaamheid, de afwezigheid van gezelligheid, de ervaring van indrukken samen beleven.  Dan doemt de confronterende vraag op: kan het wel gezellig zijn zonder ‘gezel’, zonder partner, zonder iemand van wie je zielsveel houdt?   In de werveling van de vele gevoelens die mij onophoudelijk bestormen speelt precies die vraag op de achtergrond steeds mee.