Het was gisteren erg gezellig. Neef Kees was er met zijn vrouw en ik ben een hele tijd opgebleven. Pas om een uur of vijf ben ik in de serre gaan liggen. Mark was er toen ook al om te koken en even later kwamen Karin en Gosse. Het middagbezoek vertrok. Bij het eten vond ik het toch jammer om in bed te blijven liggen en na nog een poosje natafelen was het ook wel logisch om samen nog even journaal te kijken.

Om negen uur zag ik vlekken voor mijn ogen. Te lang doorgegaan dus. Nog wel redelijk geslapen maar na het wegwerken van mijn medicijnen en het schrijven op de blog, knapte ik af. Ik was helemaal beroerd. Lastig te omschrijven wát dan precies; algehele ellende. Zitten gaat niet, liggen al helemaal niet en van heen en weer lopen word ik te moe. Inmiddels zijn we vier uur verder en begin ik iets op te klaren.

Met Annemieke en Herman nog even alles doorgepraat. Hoe gezellig het ook is,  ik moet eerder afhaken met bezoek. Anderhalf uur gaat goed, twee uur is het absolute maximum. Ik ben natuurlijk ook eigenwijs, als Herman me waarschuwt, zeg ik dat het nog wel gaat. Als Karin voorstelt om in de keuken te gaan eten vind ik dat ongezellig.

Ik knoop deze nare ochtend maar even stevig in mijn geheugen en probeer er een les uit te trekken.